LEGO heeft een tropisch aquarium dat geen water nodig heeft, nooit moet gevoerd worden en zelfs geen algen krijgt. De nieuwe

LEGO Icons-set Tropisch Aquarium (setnummer 10366) is een kleurrijke ode aan het onderwaterleven – een aquarium dat je, jawel met droge handen kan onderhouden!

De set bestaat uit maar liefst 4154 bouwstenen, goed voor uren bouwplezier en een resultaat van bijna veertig centimeter breed. Achter het elegante zwarte kader ontvouwt zich een miniatuurwereld vol kleur en beweging. De set bevat vijf verschillende tropische vissen, elk uniek opgebouwd met kleine details in vinnen, ogen en kleurpatronen.

Ook aan de kleine accenten is gedacht. De set bevat een miniatuurzeester, schelpen en zelfs luchtbelletjes van transparante blokjes. De verlichting komt natuurlijk niet van echte lampen, maar dankzij de slimme kleurkeuze van de LEGO-stenen lijkt het aquarium toch te gloeien van binnenuit.

De Tropisch Aquarium-set behoort tot de LEGO Icons-lijn, die speciaal ontworpen is voor volwassen bouwers en verzamelaars. De aanbevolen leeftijd is achttien jaar en ouder, niet omdat het kinderhanden afschrikt, maar omdat het bouwen ervan eerder weg heeft van meditatief puzzelen dan van spelen. De bouwtechnieken zijn ingenieus, en elke laag die je toevoegt onthult een nieuw stukje tropisch tafereel.

Qua prijs zit dit model in de hogere categorie: € 449,99. Dat lijkt stevig, maar het is tegelijk een pronkstuk dat nooit lekt, nooit gevoerd moet worden en eeuwig helder blijft. Wie ooit de prijs van een CO₂-installatie of LED-verlichting heeft bekeken, weet dat een aquarium zonder onderhoud plots een verleidelijke gedachte wordt.

Voor aquarianen is het eerder een grappige omkering van hun hobby: vissen houden zonder vissen. Het is een ode aan onze fascinatie voor het leven onder water – in bouwsteenformaat. 

 

 


In de Spaanse rivier Ebro is onlangs een gigantische meerval van maar liefst 2,81 meter lang en ongeveer 130 kilo zwaar gevangen. Volgens de vissers gaat het om het grootste exemplaar dat ooit in Spanje is gevangen. De vangst vond plaats in de omgeving van Navarra, waar vier vrienden met hun boot op grote meervallen aan het vissen waren.

Het enorme dier bood stevig verzet en het kostte de vissers meer dan een half uur om het naar de oever te slepen. Op beelden is te zien hoe de mannen nauwelijks geloven wat ze hebben gevangen: een vis die bijna even lang is als hun boot. Na het meten en fotograferen lieten ze het dier weer vrij in de rivier.

De Europese meerval, ook bekend als Silurus glanis, is een invasieve soort in Spanje. Hij kan tot drie meter lang worden en meer dan honderd kilo wegen. De soort werd tientallen jaren geleden in Spaanse rivieren geïntroduceerd voor de sportvisserij, maar verspreidde zich daarna razendsnel.
Bron Spanjevandaag

 

 

 

Nederland verliest binnenkort een publiek zeeaquarium. Op 1 november sluit het Centrum voor Natuur en Landschap op Terschelling definitief de deuren. De attractie bestond uit een museum en een zeeaquarium met meerdere bassins voor zeevissen.

De sluiting van het complex hing al enige tijd in de lucht. Het gebouw is verouderd en de gemeente wil de locatie gebruiken voor woningbouw. Daarom is besloten het museum na zeventig jaar te sluiten en een deel van het museum onder te brengen in een vernieuwd belevingscentrum elders op het eiland.

Het eerste zeeaquarium in het museum werd in 1961 ingericht. Dat bleek een succes en groeide uit tot de meerdere aquaria die er nu nog staan. Zo is er een groot bassin met meerdere kijkruiten, een aaibak met roggen en een reeks kleinere aquaria. In totaal omvatte het meer dan 40.000 liter water.

De collectie bestond onder meer uit stekelroggen, hondshaaien, zeebaarzen, puitalen, platvissen, krabben, kreeften en zeedonderpadden. De vissen waren afkomstig van vissers en komen in de natuur onder meer voor in de Noordzee en Waddenzee.

Het merendeel van de dieren wordt overgebracht naar Artis, meldt de Leeuwarder Courant. Daar krijgen ze een plek in het gerenoveerde aquarium, dat volgend jaar opent. 

Bron: ZooFlits

 

 

 


Eind vorige maand werd tijdens een wrakduik zo’n 20 kilometer uit de kust van Callantsoog een onbekende vissoort ontdekt. Het bleek te gaan om de ringnekslijmvis, een nieuwe soort voor Nederland. De Noordzee is een complex ecosysteem met uiteenlopende leefgebieden. Deze variatie trekt een grote diversiteit aan soorten aan. De afgelopen jaren zijn er regelmatig nieuwe vissoorten ontdekt. 

In de Middellandse Zee is een grotere diversiteit aan slijmvissoorten aanwezig. De waargenomen ringnekslijmvis heeft een duidelijke donkere baan over de flank. Er zijn in de Middellandse zee twee soorten slijmvissen die dit hebben, namelijk de ringnekslijmvis (Parablennius pilicornis) en de zwartbandslijmvis (Parablennius rouxi). Het uitsluitende kenmerk is dat alleen de ringnekslijmvis ook een donkere streep midden op de rug heeft, dit heeft de zwartbandslijmvis niet. Dit bevestigt determinatie van ringnekslijmvis.

Of dit specifieke visje nu de winter overleeft is onzeker. Deze soort is dus vooral gewend om in warmer water te leven.

 

 


Eindhoven Zoo stopt dit najaar met het tonen van Garra rufa-vissen aan publiek. De kleine vissoort, die de dierentuin steevast kriebelvisjes noemt, trok jarenlang veel bekijks. De dieren knabbelen aan de huid van bezoekers, maar dat wil de dierentuin niet meer.

“Eindhoven Zoo wil een dierenpark zijn van de toekomst. Direct contact tussen mens en dier vinden we daar niet bij passen”, luidt de uitleg van de dierentuin. De vissen uit het Midden-Oosten staan erom bekend aan handen en voeten van mensen te knabbelen. Bezoekers mochten dan ook hun handen in het water bij de vissen steken.

Door het contact met mensen vormen de Garra rufa’s “geen onderdeel meer” van de toekomstvisie van Eindhoven Zoo, zo klinkt het. Het gebouw in de dierentuin waar de vissen verbleven, gaat op 3 november dicht. De dierentuin is naar eigen zeggen op zoek naar een nieuwe bestemming voor de dieren.

In dierentuinen in de Benelux blijft alleen in Pairi Daiza nog een grote soortgelijke attractie over. Buiten dierentuinen worden de vissen ook gehouden in wellnesscentra. Ze eten dode huidcellen en zouden helpen bij huidziekten als psoriasis. Toch is het gebruik van de vissen omstreden, omdat ze volgens critici hun ‘knabbelgedrag’ vooral zouden vertonen als ze structureel honger hebben.
Bron: Zooflits.nl

 

 

Sportvisser Peter Hutting uit Koningsbosh (NL) viste Vorige week dinsdag (2 sep) een gigantische meerval in de Maas. 
Daarmee evenaart hij het Nederlands record. Vrijdagmiddag kwam het verlossende woord van Sportvisserij Nederland: de meerval, die in de volksmond ook wel 'visduivel' wordt genoemd, was maar liefst 247 centimeter lang, rond de 130 kilo en 'zeker 25 jaar oud'. Daarmee evenaart Peter het record van de grootste meerval ooit gevangen in de Benelux.

 

Hevige strijd
In zijn bellyboat, een compacte, opblaasbare boot, zat Peter dinsdag ergens op Zuid-Limburgse wateren. De exacte locatie wil hij niet delen, omdat het er dan misschien heel druk wordt. "Je bent de hele tijd aan het kijken waar de vis zwemt. Op een gegeven moment voelde ik hem aan de haak. 130 kilo duikt dan in een keer naar beneden. Dat is een hevige strijd: je zit in je bellyboat met je flippers aan en moet alle kracht uit je armen en rug halen. Maar na een tijd werd de vis moe en hebben we hem kunnen pakken", vertelt Peter.

Klimaatverandering
In Nederland lijken meervallen steeds vaker voor te komen, en bovendien worden ze ook groter. Volgens onderzoekers van Wageningen University komt dat door klimaatverandering. Door de warmere temperaturen is er meer voedsel beschikbaar in Nederlandse wateren. Ook duurt het jachtseizoen van de meerval langer. Ze hebben dus meer tijd én meer eten om flink te groeien.

Beelden van de vangst: https://www.facebook.com/share/r/16wuFHgYfP/


Zie ook: SN 238: Reusachtige meerval gevangen in Maaseik

 

 

Thomas Van Puymbroeck (40), aquariumverzorger van ZOO Antwerpen en prijswinnend onderwaterfotograaf, is op een bijzondere vondst gestoten in het Nederlandse Grevelingenmeer aan de Noordzee. Hij kon er de ‘Balistes capriscus’, of grijze trekkervis, filmen en fotograferen: een exoot die al 13 jaar niet meer in onze contreien is gezien.

“Wellicht vindt de vis zijn weg terug door veranderende klimaatomstandigheden en stijgende zeewatertemperaturen.”

Nota: We kennen Thomas van de presentatie bij de Zilverhaai  in juni 2025.

 

 

Sportvissers halen grote haai binnen voor kust van Costa Rica, maar hun vangst blijkt nog veel uitzonderlijker.

Onmiddellijk voelde men dat ze iets groots aan de haak hadden geslagen. Maar toen ze de vis aan de oppervlakte brachten, konden ze hun ogen amper geloven. Het ging om een feloranje haai met witte ogen. 


Een aantal vrienden had afgesproken voor een dagje vissen bij het Nationaal Park Tortuguero. Ze hadden al wat vissen bovengehaald. Maar toen één van hen weer beet had, voelde hij onmiddellijk dat hij een vette vis aan de haak had. Het duurde dan ook een tijdje voor hij hem op het droge kon hijsen. 

Dat het een haai was, dat wisten ze. Ze hadden de vin al een paar keer zien bovenkomen. Maar het was geen gewone haai. Dat zagen ze pas toen hij dichterbij kwam. Hij was feloranje met witte ogen. Zoiets hadden ze nooit eerder gezien. Een van hen had het zelfs over een ‘alien’. 

Kwetsbaarder
De haai vertoonde ook kenmerken van albinisme, waaronder een paar opvallende witte ogen. Verpleegsterhaaien hebben meestal een bruine huid, waardoor ze beter opgaan in de zeebodem waar ze jagen op prooien. Een feloranje huid, of witte ogen in het geval van albinisme, maakt ze beter zichtbaar en daardoor kwetsbaarder voor roofdieren in het wild.

Hoewel sommige onderzoekers beweren dat dieren met xanthisme een lagere overlevingskans hebben, geloven de wetenschappers dat dit geval aantoont dat dit niet het geval hoeft te zijn.
Verpleegsterhaaien kunnen tot 4,30 meter lang worden en zijn ongevaarlijk voor mensen. Behalve wanneer ze zich bedreigd voelen.

Bron: Nieuwsblad, HLN

 

 

In het noorden van Australië is een grote wandelende tak ontdekt, wellicht het zwaarste insect dat er ooit werd waargenomen.
 

...................................


Onderzoekers Angus Emmott van de James Cook University en Ross Coupland kwamen op het spoor van de nieuwe soort nadat ze een foto van een exemplaar hadden ontvangen. Ze trokken met hoofdlampen het regenwoud in het noorden van Queensland in en na enkele nachten ontdekten ze op een hoogte van 900 meter een wandelende tak.

https://www.youtube.com/watch?v=du_JdQhn9qY

Ze namen het vrouwtje mee naar huis en onderzochten haar eitjes om te bepalen of het om een nieuwe soort ging. Dat bleek effectief het geval. Volgens Emmott is die wandelende tak moeilijk te ontdekken, omdat die hoog in de boomtoppen leeft. “Tenzij een vogel er eentje naar beneden laat vallen of een storm een exemplaar wegblaast, kunnen we ze daar in de boomtoppen erg moeilijk vinden.” Overdag zitten ze bovendien stil om te voorkomen dat ze worden opgegeten door vogels.

 

 

Steeds minder kreeften in de Atlantische Oceaan, en dat komt voor een groot stuk door hongerige inktvissen: “Kunnen niet langer lijdzaam toezien”

 

Het pittoreske Franse badplaatsje Croisic, aan de Atlantische kust, vormt sinds enkele weken het toneel van een vreemde processie tussen de vissershaven en het lokale stadsaquarium. Doel: de achteruitgang van de lokale kreeftenpopulatie een halt toeroepen.

In Croisic, een kuststadje op het schiereiland Guérande in het Franse departement Loire-Atlantique, op ongeveer 25 kilometer van Saint-Nazaire, hebben lokale vissers en wetenschappers de handen in elkaar geslagen voor een opmerkelijk initiatief. Zeelui die vrouwtjeskreeften vangen en merken dat die eitjes onder hun staart hebben, brengen die naar het lokale stadsaquarium, het Océarium. Daar worden de eitjes – vaak enkele duizenden per wijfje – gerecupereerd en in ideale omstandigheden uitgebroed in quarantainebassins, waarna de larven opnieuw worden uitgezet in volle zee.

Invasie van inktvissen
De opmerkelijke samenwerking is een gevolg van een alarmerende vaststelling: het kreeftenbestand in dit deel van de Atlantische Oceaan gaat zienderogen achteruit. Tot spijt van de vissers, die hun broodwinning in het gedrang zien komen, en van de smulpapen, die graag genieten van de culinaire specialiteit. In eerste instantie werd de daling toegeschreven aan de klimaatverandering, vervuiling en overbevissing. Maar wellicht is er nog een andere boosdoener aan het werk, denken mariene biologen: inktvissen.

“Dankzij deze aanpak kunnen de kreeftenlarven in een beschermde omgeving groeien en krachten opdoen, weg van alle gevaren in de oceaan, waar ze een makkelijke prooi vormen”, zegt Benoît Frémont, operationeel directeur van het Océarium in Croisic. Larven blijken namelijk gegeerde prooien te zijn van inktvissen, die sinds 2021 in groten getale in de viszones rond het schiereiland en verderop voor de Bretoense kust zijn opgedoken. “En die zorgen voor een ravage onder de kreeftenlarven.”

Dat blijkt geen sikkepit overdreven. “Een inktvis eet twee keer zijn gewicht per dag. In de wetenschap dat een volwassen dier al gauw 10 kilogram kan wegen, besef je meteen welke astronomische hoeveelheden larven die beesten naar binnen spelen”, citeert de Franse krant Le Figaro de lokale visser Christophe Quéméneur, een van de zeelui die aan het project deelneemt. “We kunnen niet langer lijdzaam toezien. Niets doen is géén optie.” Ook al zal pas binnen vier à vijf jaar blijken of het project succesvol is. Want pas dan bereiken kreeften de mature leeftijd waarop ze gevangen en gegeten kunnen worden.

Merci Moïse
Het Océarium in Croisic ontpopte zich de voorbije decennia tot ‘kraamkliniek’ voor Bretoense kreeften. Alles begon veertig vjaar geleden toen een medewerker een klein kreeftje van amper twee centimeter ontdekte in een van de filters van het aquarium. Het diertje werd Moïse (Mozes) gedoopt en zou vijftien jaar lang in het aquarium wonen.

Dankzij de methode die de wetenschappers van het Océarium op punt stelden, hopen de initiatiefnemers de achteruitgang van de kreeftenpopulatie minstens een halt toe te roepen en nog liever te keren. Geen sinecure als je weet dat slechts twee of drie van de duizenden larven die in een natuurlijke omgeving worden uitgebroed, het tot volwassen kreeft schoppen.
Bron Kristof Simoens, Het Nieuwsblad.

 

 

Op ongeveer 30 kilometer van de kust installeerden men de voorbije dagen vanuit het consortium BELREEFS (!) 200.000 jonge oesters op de zeebodem.

In opdracht van de dienst Marien Milieu (FOD Volksgezondheid) bouwt BELREEFS aan het herstel van de ooit zo talrijke oesterriffen in onze Noordzee. De riffen vormen een belangrijke habitat voor tal van andere zeedieren en dragen zo bij aan het versterken van de biodiversiteit. Dit project maakt deel uit van bredere inspanningen van de overheid om de slechte staat van het mariene milieu aan te pakken door actief in te zetten op natuurherstel.

 

 

Eerste Succesvolle kweek van sepia's op Neeltje Jans, 'oma sepia' schrijft geschiedenis

 


Deltapark Neeltje Jans heeft een primeur te pakken: voor het eerst zijn er sepia's uitgekomen uit eitjes van dieren die zélf in gevangenschap zijn geboren. Dat is een unicum in Europese dierentuinen en aquaria. En als kers op de taart leeft 'oma sepia' met haar drie jaar nog steeds. Ze is daarmee officieel de oudste sepia van Nederland.

In het wild worden sepia's meestal niet ouder dan één tot twee jaar. Na het leggen van hun eitjes sterven ze vaak kort daarna. Het is dan ook bijzonder dat niet alleen een eerste generatie sepia's in gevangenschap tot voortplanting kwam, maar dat ook de 'grootmoeder' van deze groep nog springlevend is.

'Natuur uit onze achtertuin'
"Onze sepia's laten zien hoe verrassend de natuur kan zijn en hoeveel er nog te ontdekken valt over deze fascinerende dieren," zegt Madelon van der Maas, hoofd dierverzorging bij Deltapark Neeltje Jans. "Ze komen ook voor in onze eigen Oosterschelde, dus dit is letterlijk natuur uit onze achtertuin."

De sepia-kweek is meer dan een wetenschappelijke doorbraak: het past in een breder plan om de natuurlijke populatie in de Oosterschelde te versterken. Die is de afgelopen jaren flink afgenomen, zowel in aantal als in grootte van de dieren. Op termijn wil het park jonge sepia's uitzetten in het wild om zo bij te dragen aan het herstel van de soort.
In september vorig jaar meldde Deltapark Neeltje Jans ook al een primeur. Toen ging het om in het wild gevangen sepia's die in gevangenschap eitjes hadden gelegd die uitkwamen. Dit is de volgende stap in het proces: in gevangenschap geboren sepia's die zelf weer eitjes hebben gelegd die zijn uitgekomen. Daarmee toont het park aan dat het de kweek van sepia's in gevangenschap kan voortzetten en zo een bijdrage kan leveren aan het in stand houden van de populaite in het wild.

Van dichtbij te bekijken
Bezoekers kunnen deze volgende generatie sepia's van dichtbij bekijken in het Bluereef Aquarium van het park. Daar leven ze samen met andere zeebewoners uit de Oosterschelde. Deltapark Neeltje Jans wil daarmee een brug slaan tussen educatie en natuurbehoud. Het park omschrijft het zelf als een unieke kans om deze bijzondere inktvissen van dichtbij te bewonderen én meer te leren over hun rol in het ecosysteem.

Bron Omroep Zeeland

 

 

Subcategorieën